Facebook Twitter Tunein YouTube

Caecilia prijzen 2021

Afgelopen vrijdag werden in het Brusselse Flagey de Caecilia prijzen 2021 uitgereikt. Met deze prijzen bekroont de Vereniging van de Belgische Muziekpers jaarlijks de beste muzikale opnames van het afgelopen jaar.

Over alle producties heen tracht de jury van de Caecilia prijzen nieuw talent, uitzonderlijke repertoires en gedurfde projecten in de kijker te zetten.

De laureaten van dit jaar zijn :

  • Josquin The Undead – Josquin Desprez
    Graindelavoix, Björn Schmelzer
    (Glossa)
    Josquin Desprez verging het zoals Rembrandt. Toen hij stierf was hij zo beroemd dat hij, zoals een tijdgenoot schreef, “nu hij dood is meer werken produceert dan bij leven”. Niets was beter om een mis, motet of chanson populair te maken dan ze toe te schrijven aan Josquin. Precies met die onzekerheid gaan Björn Schmelzer en zijn ensemble Graindelavoix aan de slag in hun bijdrage tot het Josquinjaar 2021.
  • Achante et Céphise – Jean-Philippe Rameau
    Sabine Devieilhe, Cyrille Dubois, David Witczak, Judith Van Wanroij, Les Chantres du Centre de Musique Baroque de Versailles, Les Ambassadeurs – La Grande Écurie, Alexis Kossenko
    (Erato)
    Al mag Achante et Céphise niet tot de grootste werken gerekend worden, is dit het werk van een muzikale reus. Er bestond tot nu toe geen enkele integrale opname van deze pastorale die echter meer inventie en theater biedt -zoals in de ongelooflijke intensiteit van bepaalde delen van het Derde bedrijf- dan wat men in menig opera van kleine meesters die men vergeefs uit de vergeethoek van de muziekgeschiedenis gehaald heeft vindt.
  • Beyond The Limits – Complete String Symphonies – Carl Philipp Emanuel Bach
    Gli Incogniti, Amandine Beyer
    (Harmonia Mundi)
    Wat een geluk dat Gottfried van Swieten niet alleen de oude Bach (Johann Sebastian) bij Mozart en Haydn aanprees maar ook diens zoon Carl Philipp Emanuel vroeg om wat symfonieën voor hem te schrijven.  Van deze strijkerssymfonieën zijn al heel wat opnames beschikbaar maar die van Amandine Beyer en haar ensemble Gli Incogniti treft misschien wel het best van allemaal de spitante contrasten in tempo en dynamiek en de onvoorspelbare grilligheid van deze muziek.
  • El Nour – Abd al-Rahïm, Hector Berlioz, Georges Bizet, Fernando Obradors, Maurice Ravel, etc.
    Fatma Said, Malcolm Martineau, Rafael Aguirre, Burcu Karadag, Vision String Quartet
    (Warner)
    De pogingen om Oost en West in de muziek samen te brengen zijn weliswaar talrijk maar zelden geslaagd. Al blijft dit waar, steekt de blijkbaar moeiteloze manier waarop de Egyptische zangeres Fatma Said en haar musici -van alle slag- dit repertoire met virtuositeit en naturel aanpakken met hoofd en schouders boven alles wat er in de discografie tot nu bestaat uit.
  • Sonate, Berceuse, Tre Sonetti di Petrarca, Réminiscences de Norma, Ave Maria – Franz Liszt
    Benjamin Grosvenor
    (Decca)
    Er bestaan weliswaar meer demonische of filosofische versies van Liszts Sonate, maar deze opname van Benjamin Grosvenor getuigt van een zelden gehoorde intelligentie en fijnzinnigheid. Fenomenale techniek en intellectuele helderheid zorgen voor een uitzonderlijke uitvoering van een werk dat al zo vaak is opgenomen.
  • Lieder – Mélodies – Édouard Lassen
    Reinoud Van Mechelen, Anthony Romaniuk
    (Musique en Wallonie)
    Deze onverwachte uitgave zorgt voor een dubbele ontdekking, zowel van een onterecht vergeten Belgische componist als van werken van een verrassend hoog niveau. Edouard Lassen (1830-1904) werd in Kopenhagen geboren maar het gezin vestigde zich al in 1833 in Brussel. Lassen studeerde piano en compositie aan het Brussels Conservatorium. Liszt nam hem onder zijn vleugels en hielp hem aan een functie als dirigent in Weimar waar hij als Kapellmeister bijna 40 jaar lang een hoog aanzien genoot.
  • 12 Études d’exécution transcendante – Sergei Lyapunov
    Florian Noack
    (La Dolce Vita)
    Soms zit het geluk van de ontdekking in het herkennen : alles is nieuw, maar eigenlijk bestond het al en ging gepaard met het felste lang vervlogen geluk. Zo zit de wereld van Sergei Lyapunov (1859-1924) eruit, een wereld waar buitensporige virtuositeit in pure poëzie, droom of epos verandert. De Belgische pianist Florian Noack brengt het er met een verbluffende techniek vanaf, en weet evenzeer met een natuurlijk en ongedwongen spel vol licht en kleur te bekoren.
  • Complete Symphonies – Charles Ives
    Los Angeles Philharmonic, Gustavo Dudamel
    (Deutsche Grammophon)
    Het na elkaar beluisteren van Ives’ vier symfonieën is een snelcursus in de evolutie van de Amerikaanse muziek volgen. De Eerste – geschreven voor zijn eindexamen compositie aan Yale- staat nog sterk onder de invloed van Dvořák en Brahms.  Gustavo Dudamel leidt het uitstekende Los Angeles Philharmonic met vaste hand.
  • And Love Said – Patrick Leterme, Ralph Vaughan Williams, William Walton, Freddie Mercury, etc.
    Jodie Devos, Nicolas Krüger
    (Alpha)
    Jodie Devos verlaat Offenbach om met deze English Songs een nieuwe muzikale wereld te verkennen. De Belgische sopraan is al sedert haar studies in Londen met dit poëtisch universum vertrouwd en kiest hier voor een brede waaier aan componisten van beider kunne.
  • Die tote Stadt – Erich Wolfgang Korngold (DVD)
    Jonas Kaufmann, Marlis Petersen, Chor und Orchester der Bayerischen Staatsoper, Kirill Petrenko, Simon Stone
    (BSOrec)
    Korngolds opera Die tote Stadt is al enige tijd bevrijd uit het odium van “klinkt als filmmuziek”. Bij ons werd dat ten laatste bewezen sinds de opvoering ervan in de Munt, midden in de Covid19-pandemie. De dubbele hoofdrol ervan, Marie/Marietta, was in handen van Marlis Petersen: een ideale bezetting (ze is een even sterke Lulu of Salome). In München stond zij tegenover de stertenor van het ogenblik, Jonas Kaufmann.
  • Symphonies Nos. 1-7 – Marcel Poot (Prijs Albert de Sutter)
    Antwerp Philharmonic, Léonce Gras, BRTN Philharmonic Orchestra, Hans Rotman, Moscow Symphony Orchestra, Frédéric Devreese, Belgian National Radio Symphony Orchestra, Franz André
    (Naxos)
    De herinnering die men nu aan Marcel Poot (1901-1988) bewaart is die van de man die gedurende meer dan een halve eeuw een ware pijler van het Belgisch muziekleven was, onder meer als directeur van het Brusselse Conservatorium en als langjarige juryvoorzitter van de Koningin Elisabethwedstrijd. Als componist geraakte Poot helaas in de vergetelheid en wij kunnen Naxos voor deze integrale heruitgave van zijn symfonieën zeker dankbaar zijn.
  • Sarah Defrise (sopraan) (Prijs van de Jonge Musicus van het Jaar)
    In 2020 maakte Sarah Defrise haar opgemerkt debuut in de Munt waar zij de titelrol vertolkte in The Little Girl, het eerste luik van Is this the end ? van componist Jean-Luc Fafchamps. In deze buitengewone en in volle lockdown gebrachte productie schitterde haar immens talent. Maar Sarah Defrise had al haar sporen in meerdere opvoeringen van internationaal niveau verdiend.  Geboren in een Frans-Amerikaans gezin, was Sarah Defrise amper vier jaar oud toen zij met muziek begon. Sarah behaalde een doctoraat in de kunst aan de Université Libre de Bruxelles, een master in zang aan het Conservatoire royal de Bruxelles en een ‘diplôme de concertiste’ aan de Ecole normale de musique Alfred Cortot te Parijs.

Recent